Download als PDF


Agnes Dinkelman, juni 2015

Allerlei soorten narigheid tuimelen over elkaar heen als we ons afvragen waarom er vluchtelingen in gammele bootjes op de Middellandse Zee dobberen. Het geheel aan ellende geeft een explosief mengsel. De vluchtelingen in de bootjes zijn mogelijk een voorbode van nog veel meer narigheid, ook op Europese bodem. Dus wat te doen?

Groen
Grenzen dicht? Bewaking en alertheid verhogen? Safe havens? Laten we eens uit een ander vaatje tappen. Een technisch mogelijk vaatje, dat ongebruikelijke samenwerking vereist, dat wel.

Stel je voor: de MENA-bevolking bewerkt de Sahara tot vruchtbaar land, gefaciliteerd door de samenwerkende Europese krijgsmachten die in de grote zandbak de terroristen isoleren om het vergroeningsproces mogelijk te maken. Minister Hennis is vast blij met een duidelijke aanleiding voor verdere krijgsmacht-samenwerking in de EU.

Het is mogelijk. Werkelijk waar.

Technisch gesproken is er 2 tot 5 jaar nodig om een gebied om te toveren naar begroeid en overvloedig vruchtdragend. Er zijn mooie voorbeelden van in onder meer China en Jordanië. Het gortdroge Chinese löss-plateau ter grootte van Frankrijk is op die wijze zeer succesvol aangepakt. Onlangs heeft in Jordanië een van de prinsessen een stuk land ter beschikking gesteld om hetzelfde huzarenstuk te laten voltrekken, in Andalusië, Zuid Afrika, Ethiopië wordt op deze wijze gewerkt. Nederlandse ecologen en tuinders zijn er vaak bij betrokken. Een handvol Nederlandse bedrijven hebben methodiek en technologie in huis om met een minimum aan water en gezamenlijke inspanning van de bevolking het vergroeningsproces te starten. Bij de juiste aanpak komen er zelfs op verschillende plaatsen beekjes terug. Arbeidskrachten zijn er voldoende, waar je het traject ook zou willen inzetten, jeugdigen uit heel MENA en Sub Sahara Afrika zijn er in overvloed.

Grenzen dicht? Bewaking en alertheid verhogen? Safe havens? Laten we eens uit een ander vaatje tappen. Een technisch mogelijk vaatje, dat ongebruikelijke samenwerking vereist, dat wel.

Samenwerken
De voorbereiding tussen MENA overheden en Europese collegae is cruciaal (BUZA aan de bak), onder het leiderschap van de tribe- en clanhoofden (sociaal-cultureel veranderkundigen aan zet) kunnen de communities werken aan biodiversiteit en landbouw (onder leiding van ecologen en ontwikkelingswerkers, als nodig gesteund door politiemensen inzake community policing).

Binnen 5 jaar kan een levendige handel ontstaan in landbouwproducten en nijverheid (voedsel, werk en perspectief). Biodiversiteit is vervolgens de sleutel voor het carbon-probleem en toekomstperspectief zal vele potentiele vluchtelingen doen besluiten bij familie en tradities te blijven. In de loop van een of twee generaties veroveren we vruchtbaar land terug op het verwoestijningsproces.

Veiligheid geen prioriteit
In de MENA-regio waar droogte heerst, waar voedsel duur is en water schaars, waar jongeren de grootste groep van de bevolking uitmaken maar waar gebrek aan werk en perspectief een toekomst onzeker maakt, waar overheden een alles of niets machtscultuur praktiseren en terroristische strijders rondtrekken en terrein winnen kan het leven zich onmogelijk vredig en voorspoedig ontrollen. Laat staan dat de economie, handel en werkgelegenheid zich serieus kunnen ontwikkelen.

In grote delen van Sub Sahara Afrika is het niet veel beter, ook daar zien we conflicten en terrorisme in diverse regio’s. De islam groeit er op dit moment fors. Een vooruitziende Afrikaanse overheid zou nu bezig zijn een plan te maken om te voorkomen dat het volk onder de voet wordt gelopen of opgaat in de gelederen van de terroristen, maar in Afrika werkt dat niet zo, veiligheid voor de bevolking is er geen prioriteit.

In de MENA-regio waar droogte heerst, waar voedsel duur is en water schaars, waar jongeren de grootste groep van de bevolking uitmaken maar waar gebrek aan werk en perspectief een toekomst onzeker maakt, waar overheden een alles of niets machtscultuur praktiseren en terroristische strijders rondtrekken en terrein winnen kan het leven zich onmogelijk vredig en voorspoedig ontrollen.

Veelbelovend
De MENA-landen en Sub Sahara Afrika zijn onze buren en daarom van strategisch belang voor veiligheid en economie van Europa. De aandacht die lijkt te ontstaan voor de Oostflank van de EU zou er ook moeten zijn met betrekking tot de bedreigingen op de Zuidflank. De humanitaire drama’s op zee doen politici en bevolking schrikken want de gevolgen van de ellende in Afrika komt plots wel heel dichtbij. Laten we ons dan direct ook maar realiseren dat de mogelijkheden voor ons bedrijfsleven om de MENA-regio en Sub Sahara Afrika in te trekken voor de ontwikkeling van markten en productie hard tanende zijn in verband met de groter wordende onveiligheid.

De verknoping van vraagstukken in MENA maakt dat interventies alleen dan werkelijk verschil maken als er op alle thema’s verschuivingen plaatsvinden. Hoe creëren we een echt integrale aanpak. Onlangs ben ik onder de radar een verkenning gestart in ministeries, met militairen en politiemensen, ondernemers, wetenschappers, ontwikkelingswerkers en ecologen. In al deze beroepsgroepen wordt gezocht naar nieuwe oplossingen voor grote problemen van deze tijd.

Uitkomst van deze verkenning is dat een integrale aanpak inderdaad nodig is. Naast het trainen van strijders, militairen en politie vinden we dat de handel en de uitwisseling van kennis centraal moet staan. We vinden dat het betrekken van vrouwen in het maatschappelijk domein belangrijk is. Veilige gebieden zijn nodig en vluchtelingen moeten in duurzame kampen worden ondergebracht om ontvangende landen te kunnen ontlasten. We hebben slimme oplossingen op het gebied van water, elektriciteit en landbouw en er is ervaring in het gebruik van dit soort slimmigheid. Daarbovenop zijn Nederland en de Nederlanders vertegenwoordigd in diverse rollen over het hele gebied en dat maakt het hele idee veelbelovend.

Innovatie vraagt diversiteit
Wat opvalt in de verkenning is dat het woord innovatie een rol speelt, van CDS Middendorp tot op ‘urbangreening’ gerichte jongeren in de polder, iedereen spreekt over innovatie en iedereen begrijpt dat als het om de wereldproblemen gaat ‘we het niet alleen kunnen’.

De vraag is waarom we niet nadrukkelijker met elkaar aan de tafel zitten. Innovatie is immers pas mogelijk als een diversiteit aan expertisedragers zich ook echt met elkaar inlaat. Dat dat moeilijk is dat weten velen nog goed uit de tijd van de Comprehensive Approach in het kader van Afghanistan. Belangrijk is dat er in andere beroepsgroepen eveneens veel ervaring opgedaan is met samenwerking tussen partijen met verschillende belangen en expertise. Er is dus bij een brede beroepsgroep doorgedrongen dat samenwerken inspanning vergt maar ook veel kan opleveren. Dus vragen we u aan de tafel. Met in het achterhoofd de andere kant van de medaille, Middendorp heeft gelijk als hij op de FFC2015 zegt: ‘Niets doen is geen optie’.

De vraag is waarom we niet nadrukkelijker met elkaar aan de tafel zitten. Innovatie is immers pas mogelijk als een diversiteit aan expertisedragers zich ook echt met elkaar inlaat.

Concreet
Ik stel me een EU charmeoffensief voor dat de relatie met naaste en verre buren verbetert. Dat is hoognodig na al de polariserende interventies uit het verleden in het Oosten van MENA, want daarmee hebben we onze reputatie in MENA, Afrika en bij de islamitische jeugd binnenshuis flink beschadigd.

Maar als niets doen geen optie is, laten we dan naast de hulp-handel initiatieven van Ploumen en de samenwerkingsinitiatieven rondom jihadstrijders in MENA van Koenders bij elkaar gaan zitten om de concrete kanten van een dergelijk idee door te nemen. En natuurlijk moeten vraagstukken omtrent EU samenwerking, eigenaarschap van land, verdeling van opbrengst, hantering van corruptie en hulp-handel en defensiebudgetten worden bestudeerd. Voor we zover in detail gaan is de grote vraag of we iets dergelijks werkelijk willen proberen.

Het is ook aan mij niet voorbij gegaan dat politieke EU leiders Afrikaans gedrag vertonen door enkel te acteren op het belang van de eigen achterban. De schrik over de vluchtelingen in de Middellandse Zee werd echter breed gedeeld. Een gezamenlijke vijand kan tot pragmatische vriendschappen leiden. Wie weet kan er daarom consensus ontstaan over een integrale aanpak voor de Zuidflank: de vergroening van de Sahara en een deel van Sub Sahara Afrika. Vele gammele bootjes blijven dan wellicht aan de wal.